Van ‘méér méér méér’ naar duurzaam toerisme

Thijs de Groot van het NBTC deelt inzichten

Van ‘méér méér méér’ naar duurzaam toerisme

Thijs de Groot van het NBTC deelt inzichten

Tuurlijk, toerisme brengt geld in het laatje. Met een jaarlijkse omzet van meer dan €100 miljard is Nederland blij met de vele bezoekers uit buitenland én eigen land. Maar puur méér bezoekers aantrekken is niet langer de manier om je gebied een impuls te geven. Beter kijk je naar wat je ontwikkeldoel is en zoek je daar het juiste soort toerisme bij.

Veel gemeenten kiezen voor een nieuwe functiemix in het centrum of winkelgebied. Vaak speelt het aantrekken van bezoekers (liefst met overnachting) daarin een belangrijke rol. Toerisme kan een gebied aantrekkelijker en prettiger leefbaar te maken. Het kan zelfs helpen bepaalde maatschappelijke uitdagingen aan te pakken. Zoals leegstand in een binnenstad, wegtrekkende jeugd of het terugbrengen van de vitaliteit in een winkelcentrum.

Thijs de Groot, programmamanager bestemmingsmanagement van het Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen (NBTC), licht toe: “In sommige gebieden zorgen bezoekers dat lokale cafés en buurtsupermarkten openblijven. Of houden ze buslijnen overeind die anders dreigen te verdwijnen. Daardoor blijven deze faciliteiten ook toegankelijk voor inwoners. De bijdrage van toerisme is dan ook vaak groter dan beleidsmakers zich soms realiseren.”

Duitse fietsers en agrotoerisme

De effecten van toerisme verschillen uiteraard per locatie, geeft De Groot toe. “In steden zoals Amsterdam is de balans soms zoek: op specifieke plekken en tijden is de druk van het aantal bezoekers groot. Dan komt de leefbaarheid onder druk te staan, wat kan leiden tot irritatie en overlast.”

Maar veel andere plekken in Nederland zien juist graag meer bezoekers komen. “Denk aan regio’s zoals de Achterhoek of Drenthe, waar toerisme kan helpen om bepaalde voorzieningen in stand te houden en de lokale economie te stimuleren. Met gerichte strategieën kun je deze gebieden aantrekkelijker maken voor specifieke doelgroepen. Zoals bijvoorbeeld Duitse fietstoeristen of bezoekers die interesse hebben in cultuur of agrotoerisme.”

Thijs de Groot

Programmamanager bestemmingsmanagement van het Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen (NBTC)

Langdurig aantrekkelijk

Daarbij moet het doel niet simpelweg meer toeloop zijn. Toerisme kan een middel zijn om maatschappelijke en economische doelen te ondersteunen. Zoals leefbaarheid, economische vitaliteit en duurzaamheid. Daarom heeft NBTC samen met de sector de aanpak van toeristisch beleid aangescherpt (zie de landelijke visie Perspectief 2030). Die is nu meer gericht op het duurzaam ontwikkelen van de bestemming Nederland en de veranderende rol van toerisme.

De Groot: “Onze rol is veranderd van bestemmingspromotie naar bestemmingsmanagement. De kern van deze aanpak, die inmiddels in talloze regio’s is vertaald en toegepast, is dat toerisme moet bijdragen aan de ambitie en ontwikkeldoelen van een bepaald gebied. Daarvoor moet je eerst bepalen wat je doel is en welk soort toerisme hierbij hoort.”

Wat een plek als doel formuleert, is uiteraard gebiedspecifiek. “Staat duurzaamheid hoog in het vaandel, richt je je op het ondersteunen van lokale ondernemers of ligt je focus op sociale cohesie of wil je een meer culturele functie stimuleren? Vaak gaan deze doelen hand in hand, maar wanneer je de prioriteiten scherp hebt, kun je ook gerichter keuzes maken in onderzoek, ontwikkeling, promotie, en andere middelen.”

Impact door inzicht

Wat moet een gemeente concreet doen om waardevolle bezoekers aan te trekken? Dat begint volgens De Groot met relevante data: “Weet wie er naar je gebied komt, waarom ze komen en wat hun impact is. Vervolgens bepaal je samen met ondernemers en bewoners de gewenste ontwikkeling en hoe je die plannen met elkaar wilt vormgeven.

Een handige leidraad hiervoor is het integrale bestemmings­management­model.” Er is al veel onderzoeksdata: vakantiesentiment­onderzoek, het Nederlands vrijetijdsonderzoek of de impactmonitor toerisme. NBTC coördineert ook gezamenlijke campagnes met regionale partners, bijvoorbeeld gericht op slow tourism of reizen per trein.

Hoe gemeenten en bedrijven toerisme kunnen benutten

Gemeenten kunnen de zeven stappen van het integrale bestemmingsmanagement­model volgen om een strategisch plan te ontwikkelen:

  1. Data & inzicht verzamelen (wie komt er, waarom, hoe gedragen ze zich?)
  2. Ambitie vaststellen (wat wil de regio bereiken?)
  3. Ontwikkelkader bepalen (welke strategie past hierbij?)
  4. Bestemmingsontwikkeling (inrichting en marketing)
  5. Vraagsturing (hoe trek je de juiste bezoekers aan?)
  6. Monitoring & evaluatie
  7. Organisatie & samenwerking (tussen overheid, ondernemers en bewoners)

Publiekstrekkers

De visie op toerisme is dan ook veranderd van een puur economische component (méér toeristen) naar de bijdrage die het bezoek van toeristen levert aan het welzijn en de welvaart van Nederland. Sommige gemeenten weten het toerisme inmiddels slim te benutten. Drenthe heeft volgens De Groot het landelijke beleid bijvoorbeeld goed vertaald naar provinciaal niveau. “De Achterhoek zet actief in op meer bezoekers en een gastvrijer gebied. De Hanzesteden, zoals Deventer en Zwolle, gebruiken hun historie en identiteit slim om bezoekers aan te trekken. Zo worden deze steden aantrekkelijk voor een divers publiek en blijven veel functies in de binnenstad behouden of verbeteren ze.”

Aanbevelingen

De Groot heeft drie aanbevelingen voor wie aan de slag gaat met toerisme: “Zorg allereerst voor een integrale samenwerking. Toerisme raakt meerdere sectoren: niet alleen horeca en cultuur, maar ook mobiliteit, ruimtelijke ordening en zelfs sociale cohesie. Daarom moeten gemeenten samenwerken met beleidsmakers, ondernemers en bewoners. Kies daarnaast voor kwaliteit boven kwantiteit. Het aantrekken van de juiste bezoekersgroepen en het spreiden van bezoek over tijd en ruimte is essentieel om negatieve effecten te minimaliseren. En ten slotte is het belangrijk inwoners actief te informeren en deel te laten uitmaken van toeristische ontwikkelingen. Zo organiseert Schouwen-Duiveland open bedrijvendagen en is er een inwonersmagazine gelanceerd om bewoners meer te betrekken bij het toerisme in hun regio.”

Toekomst

De grootste uitdaging is het voorkomen van verloedering, het waarborgen van leefbaarheid en het aantrekkelijk houden van onze steden en regio’s. “Het mooie is dat deze uitdagingen hand in hand gaan en de verwachte bezoekersstromen de komende jaren onderdeel van de oplossing kunnen zijn, mits er regie op wordt genomen.”

Meer informatie: www.nbtc.nl

Toerisme in Nederland

  • In 2025 verwacht NBTC 52 miljoen verblijfsgasten: 30 miljoen uit eigen land en 22 miljoen uit het buitenland.
  • De verwachting is dat dit doorgroeit naar 61 miljoen in 2035.
  • Jaarlijks genereert de toerisme- en recreatiesector meer dan 100 miljard euro aan uitgaven. Dat is goed voor 4 à 5% van het BBP en zelfs groter dan de landbouwsector.
  • Per jaar zorgt de sector voor zo’n 750.000 banen.

Impulsaanpak winkelgebieden

Inhoudsopgave

Impulsaanpak winkelgebieden

Inhoudsopgave