Foto: Creative City Solutions

Is optoppen dé oplossing voor winkel­gebieden?

Bouwen op winkels helpt complexe business­case

Foto: Creative City Solutions

Is optoppen dé oplossing voor winkel­­gebieden?

Bouwen op winkels helpt complexe businesscase

De herontwikkeling van winkel­gebieden blijkt financieel vaak complex. Dat zorgt voor stroperige processen en huiverige investeerders. Is optoppen dé oplossing voor een positieve businesscase?

Veel vastgoedondernemers willen graag optoppen, maar lopen daarbij aan tegen gemeentelijke kaders. Terwijl optoppen ook een uitgelezen kans lijkt te zijn voor gemeenten om zowel hun business­case te dichten voor de transformatie van een winkelgebied, als het woningen­tekort op te lossen. Beide dragen bij aan een levendigere binnenstad.

De voordelen van optoppen

Bernard Murre, head of development bij Creative City Solutions, ziet dat optoppen voor vastgoed­eigenaren interessant is vanwege de aantrekkelijke business­case, maar voor een gemeente is optoppen óók aantrekkelijk. “Er ontstaat immers extra woonruimte zonder dat er grote investeringen of extra grond nodig is. “Door woningen op te toppen hoeft er geen ruimte op straatniveau opgeofferd te worden. Zeker in historische binnen­steden een groot voordeel, want ruimte is daar schaars en grond duur.”

Optoppen boven winkels draagt ook bij aan de levendigheid van een winkelgebied. “Winkels en andere openbare voor­zieningen draaien vooral op mensen uit de buurt. Met optoppen komen er meer bewoners bij, en dat zie je terug in klandizie én meer levendigheid na sluitings­uren.” Het mes snijdt aan meerdere kanten voor een gemeente, z­­egt Murre: “Je werkt namelijk ook aan je duurzaamheids­opgave. Optoppen betekent minder sloop en minder nieuwbouw. Dat is zowel financieel als CO­­­­­­₂-technisch interessant.”

Waarom toppen gemeenten niet massaal op?

“Helaas is optoppen geen wondermiddel. De rendabiliteit van optoppen is namelijk sterk afhankelijk van de schaal. Als je maar één woning kunt toevoegen, dan halen ontwikkelaars de opstartkosten er vaak niet uit.

Optoppen kan het beste onderdeel zijn van een groter plan, zoals een functie­wijziging van een gebouw. Of een project van meerdere gebouwen tegelijkertijd. Dan zijn de opstart­kosten te verdelen en wordt het aantrekkelijker om in te investeren.” Dat gebeurt bijvoorbeeld in Amstelveen, waar twee identieke flatgebouwen boven een winkelcentrum tegelijkertijd worden aangepakt. “Men hoeft technische vraagstukken maar één keer uit te denken, één architect in te huren, en maar één keer vergunningen aan te vragen.” ▼

Optoppen betekent minder sloop en minder nieuwbouw. Dat is zowel financieel als CO₂-technisch interessant.”

Bernard Murre

Head of development bij Creative City Solutions

Foto: Creative City Solutions

Een onderschatte samen­werkings­partner: de vve

Murre noemt vve’s als belangrijk partner in het optopproces. “Dit is een partij die in optop-samenwerkingen vaak over het hoofd wordt gezien. Gemeenten kijken wel naar grote partijen maar vve’s worden vaak ‘lastig’ gevonden. Daardoor mis je een grote kans als gemeente naar mijn mening.”

In veel winkelgebieden zitten winkels beneden en apparte­menten boven. Vaak valt zo'n gebouw onder een vve. Die is als collectief ook verantwoordelijk voor verduur­zaming van diens pand, maar vaak is hun fonds daarvoor niet toereikend genoeg. Optoppen biedt dan kansen voor hun businesscase: de extra woningen of woonruimte leveren geld op, en dat kan terug het duurzaam­heids­potje in. Zo knap je het hele pand op, zonder dat bewoners of winkeliers worden opgezadeld met extra maandlasten.

“Wanneer je als gemeente de vve's vanaf het begin bij een gebieds­aanpak betrekt, ontstaat er een handige coalitie: de gemeente zet kaders en voert het tempo op, de vastgoed­eigenaren kunnen hun plannen realiseren.” Meerdere vliegen in één klap, dus.

Regels staan in de weg

Ook andere regels staan optop-plannen soms in de weg. Neem de parkeer­normen: die schrijven voor dat iedere nieuwe woning een parkeer­plaats moet hebben. Dat is in winkel­gebieden vaak onmogelijk door ruimtegebrek. “Daarvoor moet je als vastgoed­ontwikkelaar en gemeente samen maatwerk­oplossingen zoeken. Bijvoorbeeld commerciële parkeer­voorzieningen inschakelen of mensen langer laten lopen naar een parkeer­gelegenheid. En die kosten moeten wel opwegen tegen de baten van het optoppen.”

Welstandscommissies kritisch

Zeker in historische binnensteden en winkelgebieden spelen monumentale kaders en welstand­commissies een grote rol.

Wat doet het met het straatbeeld als ergens een extra verdieping bovenop wordt geplaatst? “Een welstand­commissie kijkt vaak kritisch mee en is tot op zekere hoogte onafhankelijk van wat de gemeente aan plannen heeft. Voor vastgoed­ontwikkelaars is de besluitvorming van zo'n commissie vaak onvoor­spelbaar. Ook dat maakt het soms te risicovol om te investeren.”

De gemeente moet de juiste dingen aan de markt overlaten, en zelf bovenop integraliteit gaan zitten en dat stimuleren.”

Per pand in plaats van integrale visie

Volgens Murre ontstaat er door dit soort afhankelijk­heden vaak een ‘black box’ tussen gemeente en eigenaar.

“Vastgoedeigenaren denken: ‘Wat wij willen, mag niet van de gemeente’. Terwijl gemeenten vaak mooie plannen hebben, maar op hun beurt weer denken: ’Dat wil de eigenaar waarschijnlijk niet’. Dan praat je langs elkaar heen.”

Weinig gemeenten stellen een visie op voor een heel gebied in samenspraak met ontwikkelaars. Daardoor wordt vaak alleen gekeken naar de plannen per pand. “Terwijl thema's als parkeren, functie­menging en meer woningen juist de hele buurt raken. Dat zou dus integraler moeten worden opgepakt, in samenspraak met alle betrokken partijen.” ▼

Drie OptopTips van Bernard Murre

Start bij een integrale visie

“Optoppen is het meest rendabel als het onderdeel is van een bredere gebieds­ontwikkeling waarin een gemeente meerdere aspecten binnen een winkel­gebied tegelijkertijd aanpakt. Dat is bovendien qua schaal­grootte gunstiger.”

Test je plannen met proefprocedure

“Met behulp van een pilot kun je als gemeente vooraf toetsen waar je tegenaan loopt. Zo ontdek je tijdig de knelpunten en kun je maat­regelen nemen.”

Stel duidelijke spelregels op

“Spreek van tevoren duidelijk af onder welke voorwaarden optoppen is toegestaan: denk bijvoorbeeld aan bouwhoogte, straatbeeld en 40-40-20-verdelingen binnen het bestemmings­plan. Dat vergroot de zekerheid voor ontwikkelaars.”

De sleutel tot optop-succes: een integrale aanpak

Daar ligt wat Murre betreft een belangrijke rol voor de gemeente. “Ik zie een duidelijke gebieds­coördinatorrol. De gemeente moet de juiste dingen aan de markt overlaten, en zelf bovenop integraliteit gaan zitten en dat stimuleren. Je kunt parkeer­plaatsen maar één keer verdelen. Hoe doe je dat eerlijk en het meest efficiënt, voor het héle gebied?”

Gemeenten kunnen beginnen door een proef­vergunnings­procedure op te starten. Door een paar gebouwen als ‘optop'-pilot te behandelen, wordt in de hele gebieds­breedte zichtbaar waar processen vastlopen en welke partijen wanneer betrokken moeten worden.

Bovendien kunnen gemeenten op die manier vooraf beter de steden­bouw­kundige kaders vastleggen. “Denk aan een maximale optophoogte, en welstands­eisen. Met die kaders ontstaat een voorspel­baarder proces, voor zowel de welstands­commissie, als de ontwikkelaar, als de bewoners.”

Optoppen is geen wonder­middel. De rendabiliteit van optoppen is namelijk sterk afhankelijk van de schaal.”

Optoppen onderdeel gebieds­vernieuwing in Ede

Ook in Ede wordt met een integrale aanpak gewerkt aan de herontwikkeling van een belangrijk centrumplein. “Ede wordt steeds meer een regiogemeente.

Vanuit die functie kijkt de gemeente daarom niet alleen naar optoppen voor extra woningen maar naar de functie van het hele plein: de retailplint, alle gebouwen eromheen, parkeerplaatsen en het gemeentebezit.”

Via een quickscan brengen ze de totale potentie van alle gebouwen rondom het plein in kaart, en hoe optoppen daar in past. Daarna wordt gekeken hoe de pand­eigenaren betrokken kunnen worden. “De gemeente neemt de voortrekkersrol om iedereen te activeren. Optoppen levert zelden een oplossing voor het volledige plaatje, maar als ingrediënt in de mix is het heel nuttig om ook een groeiend stadscentrum als Ede te versterken en op een slimme manier te verdichten.”

Ondersteuning vanuit RVO

1. SFT (Stimuleringsregeling Flex- en Transformatie­woningen)

Heeft uw gemeente de ambitie om in korte tijd meer woningen te ontwikkelen? Dan zijn flex- en transformatie­woningen vaak een goede oplossing. De Stimulerings­regeling Flex- en Transformatie­woningen (SFT) helpt u deze woningen te financieren. Vraag bij RVO de SFT-uitkering aan voor uw gemeente. U kunt SFT onder andere krijgen voor optopprojecten.

Bron: Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT) | RVO.nl

2. Expertteam Woningbouw

Staat bij uw gemeente woningbouw ook bovenaan de prioriteitenlijst? En kunt u hierbij hulp gebruiken? Het Expertteam Woningbouw van RVO helpt met advies en praktische hulp. Bijvoorbeeld op het gebied van het beter benutten van bestaande bouw via transformatie of optoppen. Dit maakt gebouwen en buurten klaar voor de toekomst.

Bron: Expertteam Woningbouw | RVO.nl

3. Expertteam Transformatie Winkelgebieden

Werkt u voor een gemeente en wilt u leegstand in uw winkel­gebied aanpakken? Transformatie kan een oplossing bieden. Heeft u meer financiële kennis nodig over gestegen bouwkosten en/of grondprijzen, grond­exploitatie, waardering van verkoop of aankoop van panden, investeringen of om uw businesscase sluitend krijgen? Of heeft u vragen over samenwerking met project­ontwikkelaars of vastgoed­eigenaren? Het Expertteam Transformatie Winkel­gebieden helpt u bij dit complexe proces.

Neem contact op via: Expertteam Transformatie Winkelgebieden | RVO.nl

Impulsaanpak winkelgebieden

Inhoudsopgave

Impulsaanpak winkelgebieden

Inhoudsopgave