Kleine gemeente, grote vastgoed­belegger: goed idee?

Hoe gemeente Houten en vastgoed­belegger Altera samen bouwen aan de toekomst van Het Rond

Kleine gemeente, grote vastgoed­belegger: goed idee?

Hoe gemeente Houten en vastgoed­belegger Altera samen bouwen aan de toekomst van Het Rond

Je hoeft in Houten maar ‘Het Rond’ te noemen en men kan het voor je uittekenen: het winkel­centrum bij het station kent zowel super­markten, landelijke filiaal­bedrijven en een reeks lokale winkels. Maar ook: het noordelijke deel, waar veel leegstand is. “Leegstand vraagt om een alternatieve oplossing.”

Het centrum klopt niet meer

In februari 2026 tekenden gemeente Houten en vastgoedeigenaar Altera een samen­werkings­overeen­komst (SOK) voor de herontwikkeling van het noordelijke deel van Het Rond. Ivo Groenhuizen is bij Altera verantwoordelijk voor de retail beleggings­portefeuille. Hij vertelt dat de uitdaging niet zozeer zit in een gebrek aan aanwezige koopkracht of een zwak verzorgings­gebied. “Het is hier echt een vraag-aanbod kwestie. Het Rond is simpelweg te groot geworden voor het winkel­landschap van nu.” Als vastgoed­eigenaar van het winkelcentrum stuurt Altera daarom op een compacter winkelcentrum: winkels dichter bij elkaar, leegstaande ruimtes eventueel tijdelijk benutten, en met name het noordelijke deel trans­formeren naar een andere vastgoed­functie, een functie waar vraag naar is en past in het verzorgingsgebied.

Roger Jakobs is projectmanager voor het CMK-gebied (Centrum-Molenzoom-Koppeling) bij de gemeente Houten. Het winkel­centrum maakt onderdeel uit van dit gebied. Hij vult aan: “Zoals in veel winkel­centra in Nederland moeten ook wij omgaan met de gevolgen van ontwik­kelingen in de detail­handel en ten gevolge hiervan een opgelopen leegstand. Vraag­stukken hoe het centrum een vitale rol in de gemeente blijft spelen zijn ook voor ons aandachts­punten. Leegstand heeft naast een economisch ook een psychologisch effect. Het zorgt voor andere loop­routes door consumenten, afvloeiing van consumenten en draagt niet bij aan het gevoel van veiligheid. En in een gemeente als Houten, waar het centrum letterlijk onderdeel uitmaakt van het stations­gebied, telt de eerste indruk.”

Tot elkaar veroordeeld (en waarom dat juist helpt)

Waarom was het voor Houten belangrijk om zo’n grote vastgoed­partij als Altera aan te haken? Jakobs: “We zijn eigenlijk ‘tot elkaar veroordeeld’. Dat klinkt zwaar: dat is het niet. Altera bezit vrijwel alle winkel­ruimtes in het Houtense centrum. Die wederzijdse afhankelijk­heid heeft naar onze mening ook een voordeel.”

Jakobs legt uit dat veel centrum­projecten kampen met versnipperd eigendom: tien, twintig, soms vijftig eigenaren met elk hun eigen agenda. Dat geeft een transformatie een vele malen hogere complexiteit. In Houten is het speelveld veel overzichte­lijker: de openbare ruimte hoort bij de gemeente, het winkel­vastgoed grotendeels bij Altera, en het eigendom van de woningen boven de winkels ligt bij woning­corporatie Woonin. Jakobs: “Dat maakt het gesprek ook vaak duidelijker, want we moeten deze opgave samen linksom of rechtsom zien te realiseren. Maar de gesprekken zijn daarmee ook profes­sioneel en concreter. We weten immers altijd met wie we het moeten regelen.” ▼

We moeten deze opgave samen linksom of rechtsom zien te realiseren.”

Roger Jakobs

Projectmanager CMK-gebied, gemeente Houten

Duurzaam is het streven

Momenteel is het centrum van Houten nog vrij stenig. Vanuit de centrumvisie en Gebiedsvisie CMK wordt ook gekeken naar een traject voor de vergroening van het plein en overige openbare ruimte. Altera heeft als institutionele belegger met een lange horizon op zijn beurt in Het Rond in de afgelopen jaren al behoorlijk geïnvesteerd in de energiezuinigheid van de gebouwen.

Groenhuizen: “We hebben grote delen van het winkelgebied volgens een toekomst­gericht verduurzamings­plan aangepakt. Denk hierbij aan pui-vernieuwing met beter isolerende beglazing isolatie van daken, groen op daken en het plaatsen van een groot zonne­panelen­veld op het parkeerdek. Het is alvast een reeks upgrades die het vastgoed van het winkel­centrum toekomst­bestendig maken.” Jakobs vult aan: “We kijken bij de komende vergroening niet alleen naar ‘straatgroen’ maar ook naar groen op plekken waar nu nog bebouwing is gelegen.

Bij de transformatie van Het Rond-Noord gaan we tussen de hogere volumes woningen, nadrukkelijk ook kijken of er binnen­tuinen kunnen worden gerealiseerd. Dat is natuurlijk goed voor de CO₂-reductie en voorkoming van hitte-stress maar maakt ons geliefde Houten ook fijner om te wonen.”

De SOK: minder complex dan vaak wordt gedacht

In gebieds­ontwikkeling is de samen­werkings­overeenkomst berucht: te juridisch, te traag, te veel detail­discussies. Maar Jakobs ervoer het deze keer anders: “We hebben het constructief en vooral met elkaar georganiseerd. De truc is dat de SOK niet voelt als ‘een moetje’ maar als een frisse start met duidelijke spelregels. Wie zit aan tafel, wie betaalt welke onderzoeken, hoe organiseer je besluit­vorming, en hoe behouden we gezamenlijk het tempo?”

Groenhuizen: “Met het ondertekenen van zo’n samen­werkings­overeenkomst sluit je een overeen­komst met een duidelijk gezamenlijk startpunt. Je moet het gevoel hebben: ‘We gaan dit gewoon samen doen’.”

Jakobs: “En dan helpt het enorm dat je met een professionele, landelijke partij werkt. We hoefden niet uit te leggen waarom we dit soort overeen­komsten belangrijk vinden en wat het doel ervan is. Het behoort tot onze gezamenlijke expertises, en dat scheelde een hoop extra uitleg en bij­behorende frictie die andere gemeenten vaak ondervinden.”

Wens om samen tot een plan te komen

Wat bijdroeg aan een goede samen­werking, was een gezamenlijk doel. Groenhuizen: “Wij, de gemeente, de bewoners, en zeker ook de ondernemers van Houten wensen graag duidelijkheid om gericht aan een toekomst­bestendig centrum te bouwen. De SOK kun je dan ook zien als een extra communicatie-instrument richting belang­hebbenden, met name de inwoners en ondernemers. Hiermee laat je zien: het is belangrijk, deze trans­formatie staat op onze prioriteiten­lijst, onze teams zijn hierop georganiseerd, en er volgen momenten waarop belang­hebbenden input kunnen geven. Zo weet ook iedere ondernemer of bewoner dat er een duidelijk plan komt.” ▼

Impulsaanpak winkel­gebieden in Houten

Houten kreeg via de Impuls­aanpak winkel­gebieden een rijksbijdrage van 2 miljoen euro om winkel­centrum Het Rond toekomstbestendig te maken. Een belangrijke voorwaarde is dat ook private partijen investeren: in Houten zijn dat vastgoed­eigenaar Altera en woning­corporatie Woonin, eigenaar van de woningen boven de winkels. De grootste knelpunten voor het centrum zijn vooral een te groot winkelgebied door een in de loop der tijd veranderd winkel­landschap, en het ontbreken van levendigheid, sfeer en voldoende groen in het centrum. Daarom krijgt het noordelijke deel van Het Rond grotendeels een woon­bestemming en het plein een groenere herinrichting.

Ivo Groenhuizen

Hoofd Assetmanagement Retail

We zijn tot elkaar veroordeeld. Dat klinkt misschien wat benauwend, maar het brengt ook een groot voordeel.”

Tijdelijke, zichtbare invulling en relocatie

Een van de belangrijkste pijlers in het plan­initiatief: er komt meer ruimte voor wonen. Meer woningen, betekent ook meer consumenten voor het winkel­centrum maar betekent ook relocaties van een aantal winkels. Maar, zo’n overgang schuurt ook zegt Groenhuizen: “Onder­nemers zijn natuurlijk gevoelig voor verlies aan passanten die voor de winkels langs lopen, daarom moet je persoonlijk in gesprek blijven. Bewoners zijn daarentegen gevoelig voor een lang­durige bouwput. En iedereen snakt naar een concreet plan. Niet alleen wat het wordt, maar ook hoe tijdelijke invul­ling een rol gaat spelen in deze plannen.”

Altera faciliteerde al eerder een tijdelijke ontmoetings­plaats: De Spot. Een locatie waar ondernemers, bewoners en bezoekers kunnen samen­komen, presentaties kunnen geven en waar ruimte flexibel gebruikt kan worden. Groenhuizen: “Belangrijk detail: Als Altera hebben we deze plaats bewust ingericht op een vrij dominante plek in het te transformeren deelgebied. Dus vooral op een zichtbare plek zodat het ook echt iets dóét voor levendigheid, ontmoeting en sociale veiligheid. Een tijdelijke voorziening die je zichtbaar maakt, bevestigt activiteit.”

Groenhuizen: “Tijdelijke initiatieven voor levendigheid moet je niet zien als alternatief voor heront­wikkeling, maar als een manier om heront­wikkeling mogelijk te maken. Zo ontstaat ruimte om met elkaar het gesprek te voeren over de toekomst: waar komt het compacte hart, hoe ziet een ideale functie­mix eruit, wat betekent dit voor looproutes en verblijfs­kwaliteit? En altijd met oog voor de mensen die nu het winkel­centrum draaiende houden.”

Lessons learned Wat andere gemeenten hiervan kunnen leren

Wees niet beducht voor de omvang van een ‘grote vastgoed­partij’. Een landelijk actieve belegger brengt vaak juist voor­spel­baar­heid mee: ze kennen dit soort trajecten, snappen waarom je afspraken vastlegt en hebben de organisatie­kracht om door te pakken.

Beschouw de (soms gevreesde) SOK juist als hulpmiddel voor duidelijk­heid en communicatie. Ook richting de buiten­wereld. Uiteindelijk wil iedereen vooral weten waar hij aan toe is en wat het plan wordt.

Ga tijdig met ondernemers in gesprek, geef mogelijk­heden en denk mee. Het gaat hier volledig om maatwerk.

Impulsaanpak winkelgebieden

Inhoudsopgave

Impulsaanpak winkelgebieden

Inhoudsopgave