Het programma Digitalisering van de Retailagenda wordt verder uitgebouwd. Grote techplatformen domineren het online landschap, de druk op lokale ondernemers neemt toe. Een groeiend consortium van retailers, hogescholen, gemeenten en Europese partners heeft intensief samengewerkt aan en concreet programma dat aansluit op de visie op digitalisering van de Retailagenda. Het vertrekpunt daarbij is de vraag hoe digitalisering in de detailhandel tegelijkertijd de economie en de levendigheid van steden en dorpen in Nederland kan versterken. De focus komt te liggen op een functionele infrastructuur die voldoet aan Europese standaarden en, waarbij oplossingen schaalbaar zijn.
Digitaal ecosysteem
Marcel Evers (INretail) is bij de Retailagenda de motor achter het thema digitalisering. Hij vertelt over het programma: “Wat we eigenlijk willen, is een publiek vertrouwelijk digitaal ecosysteem. Waarbij lokale voorzieningen, zoals retail, horeca, cultuur en evenementen, zichtbaar, toegankelijk en betrouwbaar ontsloten worden. Zodat inwoners gewoon kunnen zien wat er in hun eigen stad of dorp te koop en te doen is. We kijken nu of we ondersteunende infrastructuur kunnen organiseren die bruikbaar is in de praktijk en aansluit bij de ontwikkelingen van internationale standaarden in de EU.”
Versnellen digitalisering mkb
“We hebben daar een meerjarig programma voor geschreven”, vervolgt Evers. “Met zo’n zeven werkpakketten, een programmabudget, en de verwachting dat we Europese subsidie kunnen binnenhalen.”
Het programma sluit aan bij bevat de recente nationale koers van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK), die de nadruk legt op het versnellen van digitalisering en het verantwoord gebruik van AI voor maatschappelijke toepassingen en de digitalisering van mbk’ers. Betrouwbaarheid, privacy en publiek vertrouwen zijn centrale pijlers van het Nederlandse AI-beleid, en deze principes zijn volledig verankerd in het programma.
Niet zomaar een app
Evers is duidelijk over wat het níet is. “Alleen maar digitaliseren van een winkel gaat echt niet de oplossing opleveren. Zonder activiteiten in de ‘echte fysieke wereld’ valt er weinig online te beiden. We gaan naar een wereld van online agents die mensen gevraagd en ongevraagd helpen. En in dat domein kan deze infrastructuur een belangrijke rol spelen. Maar dan moet de echte wereld ook mee. Voorraadbeheer, samenwerking met culturele instellingen, content, het moet allemaal kloppen. Anders kun je met digitalisering weinig bereiken. Dus aandacht voor samenwerking en gezamenlijke goede programmering in de fysieke wereld is cruciaal.”
Dat betekent dat dit programma is ingebed in de meer integrale benadering die de partners van de Retailagenda voorstaan. Het staat niet op zichzelf. De inspiratie om dit programma op te stellen is gevoed door vele gesprekken en in het bijzonder door de ervaring met het project Beezy, dat in de afgelopen jaren is opgezet onder leiding van Evers.
Overijssel als proeftuin
De regio Overijssel is gekozen als startpunt. Niet willekeurig zegt Evers hierover: “In Hengelo en Deventer lopen al experimenten, en met Saxion en de Universiteit Twente zijn kennisinstellingen aangehaakt. Bovendien past het bij de bottom-up benadering die het consortium voor ogen heeft. De provincie wordt gezien als de juiste overheidslaag — groot genoeg voor langjarige trajecten, klein genoeg om voeling te houden met wat er in stadscentra speelt.”
Ook vanuit Europa wordt nadrukkelijk aangestuurd op regionale aanpak. Het consortium speelt daarop in via overlegorganen als DC Grow en Inland Retail Transition Partway, en vindt steun in het Nederlandse regeerakkoord, waarin zowel digitale autonomie als de toekomst van winkelstraten expliciet worden genoemd.
Draagvlak als voorwaarde
De richting staat, de urgentie wordt gevoeld, maar om het programma echt te laten werken zijn draagvlak, samenwerking en financiering cruciaal.Nu het programma is uitgewerkt gaat het consortium verkennen welke andere (internationale) partners willen aansluiten bij het consortium en hoe een stevige financiering basis kan worden gelegd.
Interesse in het programma? Neem dan contact op met Marcel Evers, via, mevers@inretail.nl, (06) 51 51 58 85.